# Gerda Goedemans (92), bijna zeventig jaar in de Korte Houtstraat

In de nieuwe serie Honkvast bezoekt Mirjam Touw Haarlemmers die al tientallen jaren op dezelfde plek wonen. De eerste aflevering: Gerda Goedemans (92), die in 1957 als 23-jarige een bovenwoning in de Korte Houtstraat betrok en het 'bloemenstraatje' aan de rand van de Vijfhoek zag veranderen van gevaarlijke verkeersstraat in groen paradijsje.

*2026-10-15 · interview · bron: HRLM 105, september-oktober 2026 · https://hrlm.blog/2026/10/15/honkvast-gerda-goedemans/*

In 1957 betrok Gerda Goedemans, toen 23 jaar, samen met haar echtgenoot Koos Goedemans een kleine bovenwoning in de Korte Houtstraat, aan de rand van de Vijfhoek. Zij kwam uit Heemstede, hij uit Lisse. De woning konden ze overnemen van een tante. Bijna zeventig jaar later woont ze er nog, een vrolijke dame van 92.

De eigenaar van het pand was Perquin, een handelaar in kolen. In de garage onder de woning lagen de zakken kolen; later stond daar de kinderwagen en voetbalden de kleine kinderen er. Het was een conciërgewoning, en dus werd er gehuurd met gesloten beurs. Gerda serveerde 's morgens koffie en 's middags thee aan het zeskoppige personeel. Koos borg de geleverde kolen op in de kelder van het pand op de hoek van de Grote Houtstraat en de Korte Houtstraat, brandstof voor de centrale kachel van de straat. Dat duurde vijftien jaar. Toen de regeling afliep, ging Gerda werken bij bejaardenhuis Oldenhove, eerst halve en later hele dagen.

In het bovenhuis kregen ze twee zonen. De oudste overleed jong, hij werd maar 34. Het gemis is er nog steeds.

## Smal, druk en gevaarlijk

In de jaren zestig en zeventig was er in de Korte Houtstraat geen boom of struik te bekennen. De straat was smal, er stonden auto's geparkeerd en het verkeer reed rakelings langs de voordeuren. Kinderen speelden daarom op het Nieuwe Kerksplein. Als er een ambulance moest komen, werd die aan het begin van de straat gezet en ging de patiënt op de brancard over de geparkeerde auto's heen. In de Grote Houtstraat sjeesden de bussen van de NZH op twintig meter van het huis voorbij.

Tegelijk zat de straat vol winkeltjes en bedrijven: een juwelier, een tassenwinkel en schildersbedrijf Commelte, waar iedereen met een wond naartoe rende omdat de schilder een EHBO-diploma had en een kastje met EHBO-spullen aan de muur. In het pand van restaurant In 't Goede Uur zat in 1957 nog een kruidenierswinkel. Een strijkerij van twee zussen haalde met paard en wagen de vuile was op. En Jan van Hoof, met zijn timmermanswerkplaats, werd de burgemeester van de Korte Houtstraat genoemd; Koos was de locoburgemeester.

Verhuizen kwam maar één keer ter sprake, een koophuis in Sassenheim. Dat ging niet door, en daarna is de behoefte nooit meer teruggekomen.

## Het beste besluit

Zo'n 54 jaar geleden besloot de gemeente dat er geen autoverkeer meer door de straat mocht en dat er niet meer geparkeerd werd, ook niet door de bewoners zelf. Volgens Gerda het beste besluit voor de straat: het werd een stuk veiliger, en wie geen tuin of plaatsje had, kon voortaan de straat gebruiken. De gemeente zette twee bloembakken neer die de bewoners zelf mochten vullen. Iedereen spaarde maandelijks een klein bedrag, Tanja uit de straat kocht er planten en struiken van, en er werden zelfs bomen geplant. "De grote boom voor mijn huis heeft mijn oudste zoon nog in de grond gezet. Zo is hij toch altijd een beetje bij me", zegt Gerda Goedemans.

Tegenwoordig zijn het bezorgers en elektrische bakfietsen die door de straat racen; het Haarlems Dagblad schreef er grote artikelen over. De Korte Houtstraat is inmiddels een groot deel van het jaar verkeersvrij. Gerda begrijpt zowel de protesten van fietsers als de boosheid van de bewoners. Het liefst zou de straat fietsvrij worden, een hofjesstraat, maar dat zijn verre toekomstplannen.

## Nog steeds zelfstandig

Gerda loopt dagelijks de trap op en af. Het huis is nog redelijk origineel: enkelglas met 's winters soms ijsbloemen op de ramen, het keukentje dat Koos er nog in zette, een klein balkonnetje, geen centrale verwarming maar een gaskachel in de woonkamer, geen schuur. Om haar heen wonen nu studenten; dat geeft af en toe rumoer, maar is prima te doen. Erger vindt ze het verdwijnen van mooie winkels in de Grote Houtstraat en in haar eigen straat.

Was ze in de beginjaren nog verlegen en bedeesd, nu kent ze bijna iedereen in de straat en heeft ze veel steun aan haar naaste buren Thea en Wilfred. In de zomer drinkt ze een wijntje met de buren op straat, en de supermarkt zit om de hoek. "Ik hoop hier honderd te worden", zegt ze. "Kijk maar eens naar buiten. Dit is toch het mooiste straatje van Haarlem?"

*Productie, tekst en fotografie: Mirjam Touw. Historische foto's: Noord-Hollands Archief.*

---
Citeer vrij, met bronvermelding en een link naar hrlm.blog (de url van het record).
